Hieronder kunt lezen welke  wijzigingen in de inkomstenbelasting er zijn doorgevoerd.

Inkomstenbelasting

De tarieven inkomstenbelasting / premies volksverzekeringen

Tarief box 1 (belastbaar inkomen uit woning en werk)

  • IB = tarief inkomstenbelasting; PVV = tarief premies volksverzekeringen
  • IB/PVV = gecombineerd tarief inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen

Jonger dan AOW-leeftijd*
Belastbaar inkomen
- 0 t/m € 19.922: IB = 8,40%; PVV = 28,15%; IB/PVV = 36,55%
- meer dan € 19.922 t/m € 33.715; IB = 12,75%; PVV = 28,15%; IB/PVV = 40,40%
- meer dan € 33.715 t/m € 66.421; IB = 40,40%; PVV = 0%; IB/PVV = 40,40%
- meer dan € 66.421; IB = 52%; PVV = 0%; IB/PVV = 52%

AOW-leeftijd en ouder geboren vanaf 1 januari 1946*
De tarieventabel is vrijwel gelijk aan die voor personen geboren voor 1 januari 2016. Het bevat alleen een iets kortere tweede tariefschijf (€ 33.715 i.p.v. € 34.027).

Geboren voor 1 januari 1946
Belastbaar inkomen
- 0 t/m € 19.922; IB= 8,40%; PVV= 10,25%: IB/PVV= 18,65%
- meer dan € 19.922 t/m € 34.027; IB = 12,25%; PVV = 10,25%; IB/PVV = 22,50%
- meer dan € 34.027 t/m € 66.421; IB = 40.40%; PVV = 0%; IB/PVV = 40.40%
- meer dan € 66.421; IB= 52%; PVV = 0%; IB/PVV = 52%

*inclusief houdbaarheidsbijdrage hierdoor wordt de tweede tariefschijf jaarlijks nog maar met 75% van de inflatiecorrectie aangepast, waardoor mensen sneller in de derde tariefschijf vallen. De regeling geldt voor mensen die geboren zijn vanaf 1 januari 1946.

Tarief box 2 (belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang)

Voor het jaar 2016 blijft het tarief voor inkomsten in box 2 ongewijzigd en bedraagt 25%.

Tarief box 3 (belastbaar inkomen uit sparen en beleggen)

Het tarief voor inkomsten in deze box blijft in 2016 30% te berekenen over een forfaitair rendement van 4% van de grondslag sparen en beleggen. Het tarief komt dan per saldo neer op 1,2% belasting over de grondslag sparen en beleggen.

Heffingskortingen

De algemene heffingskorting voor 2016 is € 2.033 voor personen jonger dan AOW-leeftijd. Voor personen met AOW-leeftijd en ouder bedraagt de algemene heffingskorting  € 1.145. Voor partners bestaat een bepaalde regeling waarbij de belastingdienst deze korting onder voorwaarden maandelijks rechtstreeks uitbetaalt aan de niet of weinig verdienende partner. Voorwaarde hierbij is dat de partner na aftrek van de eigen heffingskorting wel belasting en premie is verschuldigd. Deze overdraagbaarheid van de algemene heffingskorting wordt afgebouwd in 15 jaar tijd met 6,67% per jaar. De afbouw is gestart in 2009. Dit betekent dat in 2016 € 1.046 (46,67%) van de algemene heffingskorting mag worden overgedragen aan de partner. De beperking van de uitbetaling geldt niet indien de belastingplichtige die zijn heffingskorting niet volledig gebruikt geboren is voor 1-1-1963.

Reisaftrek

Voor het regelmatige woon-werkverkeer met het openbaar vervoer bestaat onder voorwaarden recht op de reisaftrek van maximaal € 2.066.

Privegebruik auto van de zaak (via de loonbelasting).

Als het privegebruik van een ter beschikking gestelde personen- of bestelauto meer bedraagt dan 500 kilometer per jaar, volgt een bijtelling op het loon. Voor ondernemers geldt een vergelijkbare regeling waarbij voor het privegebruik van de auto van de zaak een onttrekking (winstuitdeling) wordt aangenomen. Gemakshalve spreken we hierna van een bijtelling.
De vier tarieven voor de (minimum)bijtelling van de auto van de zaak voor alle brandstoffen staan op:

  • 4% voor auto’s zonder CO2-uitstoot (bijvoorbeeld elektrische auto’s).
  • 15% voor zeer zuinige auto’ s met een CO2-uitstoot van maximaal 50 gram per kilometer
  • 21% voor zuinige auto’s met een CO2-uitstoot van meer dan 50 en maximaal 106 gram per kilometer
  • 25% voor alle andere auto’s

De bijtelling voor auto’s van de zaak die meer dan 15 jaar geleden
voor het eerst in gebruik zijn genomen, bedraagt ten minste 35% van de waarde van de auto in het economische verkeer. Bij deze oude auto’s is de catalogusprijs dus niet van belang. Bij excessief privegebruik kan het zijn dat u moet uitgaan van een hogere werkelijke waarde. Is het privegebruik 500 kilometer of minder en de werknemer kan dat bewijzen, dan kan bijtelling achterwege blijven.

Voor bestelauto’s geldt nog het volgende. Er hoeft geen bijtelling plaats te vinden als de werknemer de bestelauto niet kan gebruiken buiten werktijd, bijvoorbeeld omdat de werknemer de bestelauto plaatst op een afgesloten bedrijfsterrein. De werkgever kan ook een schriftelijk verbod op privegebruik opleggen aan de werknemer. Hierbij is vereist dat hij controle uitoefent op de naleving van het verbod en een passende sanctie oplegt als het verbod wordt overtreden.

Eigenwoningforfait

De forfaitpercentages voor het jaar 2016 zijn als volgt:

  • WOZ-waarde niet meer dan € 12.500: nihil
  • WOZ-waarde is meer dan € 12.500 maar niet meer dan € 25.000: 0,320%
  • WOZ-waarde is meer dan € 25.000 maar niet meer dan € 50.000: 0,45%
  • WOZ-waarde is meer dan € 50.000 maar niet meer dan € 75.000: 0,60%
  • WOZ-waarde is meer dan € 75.000 maar niet meer dan € 1.050.000: 0,60%
  • WOZ-waarde is meer dan € 1.050.000: € 7.875 plus 2,35% van WOZ-waarde boven € 1.050.000.

Kapitaalverzekering eigen woning

Voor de uitkering uit een kapitaalverzekering eigen woning (box 1) kunnen de volgende vrijstellingen van toepassing zijn:
- bij 15 tot en met 19 jaar premiebetaling: maximaal € 36.900 (2015: € 36.800)
- bij 20 jaar of meer premiebetaling: maximaal € 162.500 (2015: € 162.000)
In beginsel kan de totale vrijstelling nooit meer bedragen dan € 162.500 (2015 € 162.000) per belastingplichtige gedurende zijn leven.

Verhuisregeling hypotheekrenteaftrek

De maximale termijn voor behoud van hypotheekrenteaftrek bij verkoop van de voormalige drie jaar. Dit betekent dat indien de woning in 2016 te koop is gezet, nog recht op hypotheekrenteaftrek bestaat in 2019.
Daarnaast is de maximale termijn voor het verkrijgen van hypotheekrenteaftrek voor de nog leegstaande toekomstige eigen woning (bijvoorbeeld in aanbouw) drie jaar. Dit betekent dat in 2016 recht op hypotheekrenteaftrek bestaat voor een leegstaande woning die uiterlijk in 2019 de eigen woning zal worden.